In de geschiedenis van Salzburg speelt het zout natuurlijk een grote rol - hier danken de stad en deelstaat ook hun naam aan. Door de dikke zoutlagen heeft het land naam kunnen maken en is erdoor ook tot rijkdom gekomen. Het "witte goud" zoals het zout ook genoemd werd, heeft veel mogelijk gemaakt. Zo konden door de aartsbisschoppen van Salzburg veel belangrijke bouwwerken, zoals bijvoorbeeld de burcht Hohenwerfen en ook de vesting Hohensalzburg, worden gefinancierd.